Blue Monday en de Stravinsky-fontein

Jean Tinguely:

“Alles beweegt, alles moet bewegen, maar omdat het beweegt, slijt het ook.
Uiteindelijk vernietigt de beweging zichzelf;
toch is beweging beter dan stilstand.”

Aan deze woorden moest ik denken bij de aanblik van de Stravinsky-fontein in haar huidige staat.  Desolaat en schijnbaar getroffen door een burn-out, want volkomen bewegingloos. In 1982 kreeg Tinguely, samen met Niki de Saint-Phalle, de opdracht een fontein te ontwerpen voor Place Stravinsky. Een jaar later al kon het kunstwerk onthuld worden.  De fontein is een hommage aan de Russische componist Igor Stravinsky. Jean Tinguely en Niki de Saint-Phalle ontwierpen een mechanisch waterballet bestaande uit zestien onderdelen die verwijzen naar elementen uit Stravinsky’s balletmuziek, zoals L’oiseau de feu (Vuurvogel). Tinguely wilde, zoals hij zelf zei, ‘geen indruk op mensen maken, maar met ze spelen’.

Ook de bijbehorende choreografie ontbreekt niet in de zeshonderd en zestig liter water per minuut spuwende fontein: de donkere, zware elementen van Jean Tinguely’s machines bewegen samen met de vrolijk gekleurde beelden van Niki de Saint-Phalle. Zo kronkelt Le Serpent door het beeld La Vie, Clef du Sol spuit water richting Oiseau de feu en Ragtime zoekt met zijn abstracte waterspel toenadering tot de om zijn as tollende Chapeau de Clown.

Parijs, maandag 17 januari 2011. Blue Monday vandaag. De meest deprimerende dag van het jaar. Misschien dat ik daarom bij de fontein in zijn huidige staat sterk moet denken aan al die kleurrijke, getalenteerde, bijzondere, maar tegelijkertijd opgebrande en uitgekotste mensen met wie ik de afgelopen jaren een eindje mee mocht lopen.  Met alle egards werden ze het bedrijfsleven binnen gehaald.  Toch hadden ze in eerste instantie niet de intentie om indruk op anderen maken. Onbewust bekwaam als ze waren zaten in een constante flow en verrichtten hun werk spelenderwijs, met veel plezier en met veel succes. Voor hun bazen was dat echter niet genoeg. Zonder uitzondering werden er politieke spelletjes met ze gespeeld; ze werden uitgedaagd om er steeds meer schepjes bovenop te doen en langzamerhand begonnen ze te verslijten aan zichzelf en hun omgeving.

Onderdelen van de Stravinsky-fontein kunnen vrij eenvoudig gerepareerd en vervangen worden. Hoe anders is dat bij de mens met een burn-out. Ondanks ons zelfhelend vermogen kost het hen vaak jaren en jaren voordat ze de vernietiging van de beweging te boven zijn en met Jean Tinguely kunnen beamen dat beweging beter is dan stilstand. Renovatie van de Stravinsky-fontein: symbool van de Phoenix (vuurvogel) die steeds weer opnieuw uit zijn as verrijst. Troostrijk symbool voor ons als toeschouwer. Ondanks alles kunnen we ons steeds opnieuw vernieuwen. Ondanks alles is beweging beter dan stilstand.

En toeval of niet: van 23 januari 2011 – 26 juni 2011 is er in het Groninger Museum een expositie van beeldend kunstenaar Othilia Verdurmen waarbij zij zich heeft laten inspireren door het sprookje van de vuurvogel. Ik hoop daar binnenkort meer over te kunnen schrijven als ik de expositie met eigen ogen aanschouwd heb.

Last but not least een Egyptisch sprookje over de vuurvogel:      “Er is een vogel die geen eieren legt en geen jongen krijgt. Hij was er al toen de wereld begon en nu leeft hij nog, in een verborgen woestenij, ver hiervandaan. Het is de Phoenix, de vuurvogel. Op een dag, in de begintijd van de wereld, keek de zon omlaag en zag een grote vogel met de meest prachtige, blinkende veren. Ze waren rood, goud, purper – helder van kleur en oogverblindend als de zon zelf. Toen riep de zon: “Prachtige Phoenix, jij zult mijn vogel zijn en eeuwig leven!” Eeuwig leven! De Phoenix was heel erg blij toen hij dit hoorde en hij hief zijn kop op en zong: “Zon, o, schitterende zon, ik zal mijn liederen zingen voor jou alleen!” Maar de Phoenix was niet lang gelukkig. Arme vogel. Zijn veren waren veel te mooi. Mannen, vrouwen en kinderen joegen hem altijd op en probeerden hem te vangen. Ze wilden een paar van die mooie, blinkende veren voor zichzelf hebben.

“Hier kan ik niet blijven,” dacht de Phoenix. En hij vloog weg naar het oosten, waar de zon in de morgen opkomt. De Phoenix vloog en vloog, tot hij bij een verre, verborgen woestenij kwam waar geen mensen waren. En daar leefde hij in vrede, vrij rondvliegend en zijn loflied zingend op de zon boven hem. Bijna vijfhonderd jaren gingen voorbij. De Phoenix leefde nog, maar hij was oud geworden. Hij was vaak moe en hij had veel van zijn kracht verloren. Hij kon niet meer zo hoog door de lucht scheren, en ook niet meer zo ver en zo snel vliegen als toen hij jong was. “Zo wil ik niet blijven leven,” dacht de Phoenix. “Ik wil jong en sterk zijn.”

En de Phoenix hief zijn kop op en zong: “Zon, o, schitterende zon, maak mij weer sterk en jong!” Maar de zon antwoordde niet. Dag na dag zong de Phoenix zijn lied. Maar toen de zon nog steeds geen antwoord gaf, besloot de Phoenix terug te gaan naar de plaats waar hij in het begin gewoond had, en het nog één keer aan de zon te vragen. Hij vloog over de woestenij, en over heuvels, groene valleien en hoge bergen. Het was een lange reis, en omdat de Phoenix oud en zwak was, moest hij onderweg dikwijls rusten. Nu heeft de Phoenix een fijn reukorgaan en hij is vooral dol op kruiden en specerijen. Dus elke keer als hij op de grond kwam verzamelde hij stukjes kaneelboombast en allerlei soorten welriekende bladeren. Sommige daarvan stak hij tussen zijn veren en de rest droeg hij mee in zijn klauwen.

Toen de vogel tenslotte aankwam bij de plaats waar hij vroeger gewoond had, ging hij zitten in een hoge palmboom die hoog op een berghelling groeide. En helemaal boven in de boom bouwde de Phoenix een nest met kaneelboombast en bekleedde het met geurige bladeren. Toen vloog de Phoenix weg en verzamelde wat van die scherp ruikende hars die mirre genoemd wordt en die hij uit een boom vlakbij had zien sijpelen. Daarvan maakte hij een ei en droeg het naar zijn nest. Nu was alles gereed. De Phoenix ging op zijn nest zitten, hief zijn kop op en zong: “Zon, o, schitterende zon, maak mij weer sterk en jong!” Deze keer hoorde de zon het lied. Snel verjoeg hij de wolken van de hemel, hield de winden stil en scheen met al zijn kracht op de berghelling. De dieren, de slangen, de hagedissen en alle andere vogels verstopten zich in grotten en holen, in de schaduw van stenen en bomen voor de felle stralen van de zon. Alleen de Phoenix zat op zijn nest en liet de zonnestralen neerkomen op zijn prachtige blinkende veren. Plotseling was er een lichtflits, vlammen sloegen op uit het nest en de Phoenix veranderde in een laaiende vuurbol. Na een poosje doofden de vlammen uit. De boom was niet verbrand en het nest ook niet. Maar de Phoenix was verdwenen en in het nest lag een hoopje zilvergrijze as. De as begon te beven en kwam langzaam omhoog… en van onder de as rees een jonge Phoenix op. Hij was klein en zag er wat verfomfaaid uit. Maar hij strekte zijn nek en zijn vleugels en sloeg ze uit. Hij werd zienderogen groter, tot hij net zo groot was als de oude Phoenix. Hij keek om zich heen en vond het ei van mirre, holde het uit, stopte de as erin en sloot het ei weer. En toen hief de Phoenix zijn kop op en zong: “Zon, o, schitterende zon, alleen voor jou zal ik mijn lied zingen! Voor altijd en altijd!”

Toen het lied uit was begon de wind te waaien, de wolken kwamen weer opzetten aan de hemel en de andere levende schepsels kropen weer uit hun schuilplaatsen. Toen steeg de Phoenix op met het ei in zijn klauwen en vloog weg. Tegelijkertijd verhief zich een zwerm vogels in alle soorten en maten en vloog achter de Phoenix aan, en allemaal zongen ze: “Jij bent de grootste onder de vogels! Jij bent onze koning!”

En de vogels vlogen met de Phoenix mee naar de Zonnetempel die de Egyptenaren hadden gebouwd in Heliopolis, de stad van de zon. Toen legde de Phoenix het ei met de as erin op het altaar van de zon. “Nu,” zei de Phoenix, “nu moet ik alleen verder vliegen.” En nagekeken door de andere vogels vloog hij weg naar de verre woestijn. Daar woont de Phoenix nog altijd. Maar elke vijfhonderd jaar, als hij zich zwak en oud begint te voelen, vliegt hij naar het westen naar dezelfde berg. Daar bouwt hij boven in een palmboom een welriekend nest en daar wordt hij tot as verbrand. Maar iedere keer verrijst de Phoenix uit de as, versterkt, vernieuwd en verjongd.”

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s