Geert Weerstand en Vincent van Gogh

People are like stained-glass windows. They sparkle and shine when the sun is out, but when the darkness sets in, their true beauty is revealed only if there is a light from within…
— Elizabeth Kübler-Ross

In mijn blog over de training voor vijftigplussers die ik vorige maand in Rome heb gegeven schreef ik onder andere over multitalent Luigi “Gino” Coppedè. Wanhopig maakte hij een einde aan zijn leven, na langdurig bespot te zijn vanwege de uitzonderlijke huizen die hij bouwde rondom de Piazza Mincio. Momenteel, ruim honderd jaar later, is dit een van de duurste wijken van Rome.

Ook Vincent van Gogh, voor wiens beeldende kunst nu miljoenen worden neergeteld, had tijdens zijn leven eigenlijk maar 1 iemand die echt in hem geloofde en dat was zijn broer Theo. Een bekend spreekwoord zegt hierover: “Een profeet wordt niet geëerd in zijn eigen land”. Iemand die wijze woorden spreekt, wordt minder gewaardeerd op de plek waar hij vandaan komt, dan daar waar men hem niet kent.  Toen  Jezus predikte in de synagoge van Nazareth, het dorpje waar hij opgegroeide, waren de dorpsbewoners wel onder de indruk van Zijn woorden, maar bleef Hij in hun ogen toch gewoon ‘de zoon van de timmerman’.  Het bewustzijn van deze mensen was niet groot genoeg om te beseffen dat hun plaatsgenoot inmiddels was uitgegroeid tot een ”larger than life” persoonlijkheid van wie ze nog heel wat konden leren als ze daarvoor open wilden staan.

foto: Loes Hakvoort-de Vries

Aan dit alles moest ik denken toen ik tijdens de Urker dag op 26 mei 2012 in de keldergalerie stond die Geert Weerstand op Urk heeft ingericht als hommage aan Vincent van Gogh. En daar waar Vincent niet of nauwelijks  geëerd werd in eigen land, krijgt de veelzijdige Geert Weerstand regelmatig  grote en kleinere opdrachten.  Op de foto hierboven het raam aan de noordzijde van de Bethelkerk dat van zijn hart en hand afkomstig is. Meer voorbeelden op zijn website http://www.geertweerstand.nl

foto: Evert Hakvoort

Bij de keuze van een naam voor mijn praktijk en de lay-out voor mijn website heb ik me laten inspireren door de mozaïekkunst van Niki de Saint Phalle.  Ook Geert Weerstand maakt mozaïeken  (en geeft workshops) en gebruikt hiervoor de meest uiteenlopende technieken, al zegt hij zelf dat hij zo maar wat doet. Vinden wij van niet 😉

Dat hij denkt “zo maar wat te doen” heeft te maken met wat in coachingsland onbewust bekwaam wordt genoemd. Op een gegeven moment heb je zoveel ervaring opgedaan en zoveel verschillende ideeën tastbaar gemaakt dat je het zelf allemaal als heel normaal beschouwd. Dat is tegelijkertijd een verworvenheid en een valkuil. Het is mijn overtuiging dat iedereen kwaliteiten heeft waarmee zijn/haar kop boven het maaiveld uitsteekt. Dat zijn zielskwaliteiten. Die zielskwaliteiten bewust te zijn en te doorvoelen is belangrijk om vorm te kunnen geven aan je leven. Een hele verantwoordelijkheid. Veel mensen deinzen er dan ook voor terug.  Maar de wereld heeft onze kwaliteiten en talenten hard nodig. De hedendaagse  seculiere wereld smacht naar authentieke mensen die met hun zielskwaliteiten en hun lef ons inspireren om hetzelfde te doen. Ik vind het dan ook fantastisch dat iemand als Geert Weerstand niet veertig jaar lang tegelzetter is gebleven, maar via omwegen als hulpverlener in de verslavingszorg steeds meer de (levens) kunstenaar in zichzelf de ruimte durfde geven. Tegen wil en dank misschien en met de nodige onzekerheid, maar hij deed het wel!

https://uh46xq.bay.livefilestore.com/y1mGt-21Ax5455PrmEpr9Ef6AH5HupDPA9rSeasg_1E1e12cOsFaqeP7CDAtVNetveDe3PTlPL3UwTB4HKw1sFq2VPuX4b9ajjR0XFWnLS2jwALqLpMDx0fPQ/foto%3Bs%20voor%20corrie%20en%20joop%20023.JPG?psid=1

Onbewust bekwaam is ook Vincent van Gogh als hij wanhopig schrijft dat hij zijn intense gevoelens zou willen schilderen. Terwijl: als er toch eentje is die zijn gevoel op het witte doek kon vastleggen dan was hij het wel!  En daarbij zou het me niets verbazen als Vincent van Gogh de kelder van Geert Weerstand hoger waardeerde dan het naar hem genoemde museum in Amsterdam, of de speciale zaal met zijn eigen kunstwerken in het  Kröller-Müller Museum te Arnhem.https://uh46xq.bay.livefilestore.com/y1mI64-RnX7vJmwNf6xJATviiKhZ6eWD7VoqFoDlLnTPBliryScTg692bCxRMgM2WUsFf5tWA_mzJMaUo-6KCEd9-8j9LpfSlNqvkg6rElboYI7GKgnKzi-Rg/foto%3Bs%20voor%20corrie%20en%20joop%20021.JPG?psid=1

foto: Evert Hakvoort

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op Geert Weerstand en Vincent van Gogh

  1. marina marijnen zegt:

    Wederom leuk stukje Salome, en intussen ben je ook nog naar Duitsland geweest: actief hoor !
    Deze reactie is misschien ’n beetje mosterd na de maaltijd, maar bij het lezen over deze creatieve kunstenaar en zijn inspiratiebron moest ik ineens aan de (bij velen onbekende) periode van Vincent van Gogh denken. In de laatste alinea van onderstaande recensie over het vernieuwde Scheepvaartmuseum in Amsterdam (Geschiedenis Magazine, januari 2011), noteerde ik hier enkele regels over. Wellicht vind je het leuk, ….

    Het groen van Van Gogh is weer zichtbaar

    Het Scheepvaartmuseum in Amsterdam ging in september 2011 weer open na een ingrijpende verbouwing. Het gebouw trok al sinds de oplevering in 1656 bekijks.

    Marina Marijnen

    ’Tot gebruick gebragt in negen maenden’… Deze woorden op de gevel aan de waterkant van het Scheepvaartmuseum in Amsterdam gaan niet op voor de recente verbouwing. Die duurde niet negen maanden maar vier jaar, van 2007 tot oktober 2011. Tijdrovend was bijvoorbeeld het technisch onderzoek naar de duizend heipalen waarop het gebouw rust; gelukkig kunnen ze nog jaren mee.
    De uiterlijke veranderingen oogsten alom lof. Architect Liesbeth van der Pol heeft een eigentijdse museale ruimte gecreëerd met behoud van het historische karakter van het uit 1656 stammende gebouw van stadsbouwmeester Daniël Stalpaert. De helderheid van zijn oorspronkelijke ontwerp is hersteld.
    De Luxemburgse architect Laurent Ney zette met de glazen overkapping van de binnenplaats letterlijk en figuurlijk de kroon op dit werk. Het lijnenspel van deze glazen constructie is geïnspireerd op de windrozen van oude zeekaarten. Het resultaat is een spectaculaire overhuifde ruimte die voor meerdere doeleinden geschikt is.

    Face-lift
    Niet alleen het gebouw onderging een verfrissende face-lift. De chronologisch en zonder klimaatbeheersing gepresenteerde collectie was ook aan modernisering toe. Met touchscreens, videopresentaties en computer-animaties wordt tegemoetgekomen aan de eigentijdse behoefte van interactie tussen museum en bezoeker. De bezoeker kan kiezen uit een museaal menu van 13 permanente en wisselende tentoonstellingen, plus een rondleiding op het VOC-schip de ‘Amsterdam’. Enkele tentoonstellingen, speciaal die voor kinderen, hebben het karakter van een pretparkattractie, zoals het ‘Het Verhaal van de Walvis’. Dit brengt kinderen net als Jonas in het binnenste van de vis waar ze spelenderwijs leren over de jacht op walvissen, die zij kennen als een bedreigde diersoort, maar die toen het gebouw werd neergezet een gewilde prooi was met grote betekenis voor de economie.
    Scholieren uitgerust met iPads beleven met een vraag en antwoordspel hun persoonlijke rondleiding. De allerkleinsten kunnen met ‘Matje en Roosje’ een sprookjesachtige zeereis maken. Ook volwassenen kunnen aanmonsteren voor een spectaculaire maritieme reis door de tijd. De expositie ‘Haven 24/7’ brengt het huidige belang van Amsterdam als zeehaven in beeld. Ook hier een attractieparkbenadering: de bezoeker maakt, staand in een vrachtcontainer, een virtuele vlucht boven het havengebied om uiteindelijk te belanden bij de diverse distributiekanalen.

    Special effects
    Voor het meer ‘traditionele’ publiek zijn er nog steeds de geliefde scheepsornamenten, scheepsmodellen, navigatie-instrumenten, globes en schilderijen. De presentatie is overigens allermimst traditioneel. Geraffineerd paste tentoonstellingsinrichter Uwe Brückner hier ‘special effects’ toe. De vlakbij elkaar hangende schilderijen zijn zo’n 10 cm van de (donkere) muur af bevestigd en worden op een speciale manier aangelicht. Door de combinatie van belichting van boven- èn van onderaf ontstaat dieptewerking in het schilderij, dat zo een extra dimensie krijgt.
    Wat echter ontbreekt is het verhaal bij het materiaal. Werden de objecten in de vroegere opstelling meer in een historische context gepresenteerd, nu staan ze zelf in een groepsgewijze opsomming centraal. De presentatie is fraai, maar deze kan toch het gemis aan duiding niet helemaal goedmaken.

    ’s Lands Magazijn
    Het Nederlands Historisch Scheepvaartmuseum, na de verbouwing omgedoopt tot Het Scheepvaartmuseum, is sinds 1972 ondergebracht in dit gebouw. Kort voordat het museum erin kwam, werd het gebouw gekraakt: een ‘ludieke’ actie van enthousiaste museumwerkers, die eindelijk aan de slag wilden, maar de kans niet kregen. Het rijk en de gemeente Amsterdam konden het maar niet eens worden over de financiering van een museale bestemming van het gebouw nadat de Marine het in 1963 had verlaten.
    Dit grote vierkante bouwwerk was oorspronkelijk gebouwd als pakhuis: s’Lants Magazyn oftewel het Zeemagazijn. Dat het werd neergezet was een rechtstreeks gevolg van een koerswijziging van de Staten Generaal. Na de Vrede van Münster in 1648 hadden die besloten tot forse bezuinigen op defensie, maar de onfortuinlijk verlopen Eerste Engelse Oorlog (1652-1654) maakte duidelijk dat dit niet verstandig was.
    Op het Amsterdamse eiland Kattenburg vlak aan het IJ verrees daarom in opdracht van de Staten Generaal een grote scheepswerf voor de bouw van oorlogsschepen. De Amsterdamse Admiraliteit, één van de vijf afdelingen van de zeemacht van de Republiek, liet voorts Daniël Stalpaert een groot arsenaal voor scheepsbenodigdheden ontwerpen. Stalpaert werkte in de sobere stijl van het Hollandse classicisme, gekenmerkt door symmetrie en ontleningen aan de klassieke bouwkunst. Zo huist in het tympaan aan de waterkant de Amsterdamse Stedemaagd met de zeegod Neptunus. Dit allegorisch beeldhouwwerk geeft uitdrukking aan het belang van Amsterdam als wereldhaven.
    In het pakhuis lag alles opgeslagen wat op de schepen nodig was, zoals zeildoek, touw, voedsel, kanonnen en kogels. Onder de gewelven van de binnenplaats -tegenwoordig ingericht als utiliteitsruimten- werd regenwater opgevangen, waarmee de oorlogsschepen snel konden worden bevoorraad. Bekende zeehelden zoals Michiel de Ruyter en Cornelis Tromp vergaderden in de Admiraliteitskamer.

    Vincent van Gogh
    ‘s Lands Magazijn was meteen al een bezienswaardigheid. Direct na oplevering kwamen mensen al een kijkje nemen, en kijken deden Amsterdamse ramptoeristen óók in 1791 toen het in lichterlaaie stond. Drie jaar later was het herbouwd. Door de buitenmuren te kleuren met Bentheimer zand en in het pleisterwerk een patroon aan te brengen, leek het of ze uit blokken zandsteen bestonden. Precies zo oogt het gebouw ook nu weer.
    Napoleon heeft hier rondgekeken en de theologiestudent Vincent van Gogh woonde in 1877 in het belendende huis . Hij logeerde er bij zijn oom, schout-bij-nacht Jan van Gogh. Bij het zien van de verweerde muren mijmerde Vincent:
    ‘het oude gebouw van het magazijn in het water, dat zo stil is als de wateren […], in het boek van Jesaja […]; de muren van dat magazijn zijn beneden aan het water geheel groen en verweerd.’
    Ook hier ging de recente verbouwing in historische richting. De steigers rond het gebouw zijn verwijderd, net als vroeger zie je het water tegen de muren klotsen. Het ‘schilderachtige’ groen van Van Gogh is weer zichtbaar.

    [infokader]
    Nederlandse Scheepvaartmuseum
    Kattenburgerplein 1 Amsterdam
    020-5232222
    http://www.hetscheepvaartmuseum.nl

    • Heel verrijkend Marina, deze aanvulling op het leven van Vincent van Gogh. Ook je artikel over het verbouwde scheepvaartmuseum heb ik met stijgende belangstelling gelezen. Bij het bestuderen van mijn stamboom ontdekte ik namelijk dat een van mijn voorvaderen Petrus Anthoniesz Plancius is, geboren in 02-1552 in Dranouter, Vlaanderen. Petrus werd geboren als Pieter Platevoet. Hij “verlatijnste” zijn naam tot Petrus Plancius en blijkt mede oprichter van de West-Indische Compagnie te zijn geweest. Dat intrigeerde me dusdanig dat ik me voornam om het scheepvaartmuseum te gaan bezoeken zodra de verbouwing gereed zou zijn. Daar is het helaas nog niet van gekomen, maar na het lezen van jouw boeiende beschrijving laat ik er geen gras over groeien 😉 En wellicht ontdek ik dan ook nog het schilderachtige groen van Vincent van Gogh.

      • marina marijnen zegt:

        Daar was ik weer ! Ja, wat een wondere historische wereld he ! Die Petrus Platvoet was op zondag predikant in de …. kerk en doordeweeks gaf hij vanaf de kansel lessen in zeevaartkunde, astronomie en cartografie. Hij was het brein achter de reizen naar Azie. Om de weg te leren stuurde hij spionnen naar Portugal om originele zeekaarten te pakken te krijgen. Ook bedacht hij het idee om via de Noord te gaan… Grote voordeel aldus Plancius: minder last van (Duinkerker kapers en Bararijse zeerovers, geen last van Spaanse en Portugese oorlogsschepen, en ook geen last van de hitte (…) !

        Ik zou hier nog een heel verhaal kunnen neerschrijven (ik was tot voor kort rondleider in het Scheepvaartmuseum, vandaar). Ik blijf je stukjes lezen hoor, erg leuk en leerzaam
        Salome; tot schrijfs !
        Marina

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s