stank voor dank

Naarmate je ouder wordt merk je dat andere mensen lang niet zo coöperatief zijn als ons wordt voorgespiegeld. De afgelopen week gaf hiervan weer voorbeelden te over. In de politiek (Jolande Sap) het bedrijfsleven, mijn praktijk en in mijn persoonlijk leven. En steeds weer kan ik me verbazen over het feit dat hoogopgeleide, aardige en sociale mensen anderen zonder scrupules een loer draaien en vervolgens zonder schuldgevoel of zelfreflectie gewoon verder gaan alsof er niets aan de hand is.

In het boek “Passages van de ziel” van Harry R. Moody dat ik momenteel aan het herlezen ben, las ik zojuist het volgende over dit fenomeen: Hoe meer we ons voor anderen uitsloven, des te minder waardering lijken we te krijgen. En als we dan dankbaarheid ontvangen – wat zelden het geval is- is die vermengd met wrok en vijandigheid.

Gurdjieff heeft eens gezegd: “Wanneer je iemand iets geeft of wanneer je iets voor hem doet, zal hij de eerste keer voor je knielen en je hand kussen; de tweede keer zal hij zijn hoed voor je afnemen; de derde keer zal hij voor je buigen; de vierde keer zal hij je vleien, de vijfde keer zal hij naar je knikken; de zesde keer zal hij je beledigen en de zevende keer zal hij je voor de rechter slepen omdat je niet genoeg gegeven hebt.”
Mijn collega Sam Sadin heeft een favoriete uitdrukking voor zulke situaties, die hij op kantoor altijd gebruikt: “Geen enkele goede daad blijft onbestraft”.

Naarmate de jaren verstrijken, merken we dat onze overeenkomst met het leven helemaal niet zo’n gunstige overeenkomst blijkt te zijn. Er gebeuren vreselijke dingen, ook met goede mensen. En zelfs die goede mensen zijn niet altijd even goed.
De wijzen onder ons begrijpen dat we in het leven nu eenmaal niet alles krijgen wat we verdienen; niet omdat we slecht zijn, maar omdat de wetten van de kosmos niet eerlijk zijn. Het leven stelt ons teleur omdat het niet zo in elkaar zit als we dachten. Met andere woorden: het leven werkt niet volgens de regels van vergelding die we geleerd hebben te verwachten. In plaats daarvan ontwikkelt het zich volgens een ondoorgrondelijk en niet te overzien kosmisch patroon, dat op universeel én op persoonlijk niveau werkzaam is. De oorzaken en gevolgen ervan strekken zich uit tot ver in het verleden en ver in de toekomst.
Betekent dit dat we dus niet krijgen wat we verdienen? Helemaal niet. We krijgen wel degelijk wat we verdienen; we krijgen het alleen niet meteen.

“Bedenk dat daden niet dezelfde kleur hebben als hun vergelding” waarschuwt Rumi . “Geen enkele dienst heeft dezelfde kleur als de betaling. Het loon van de arbeider staat niet in verhouding tot zijn werk….. Geen enkele oorzaak lijkt op zijn gevolg, en daarom kennen we ook de oorsprong van pijn en kwelling niet.”

Voor ons leveren onze behulpzaamheid en onze bereidheid een kans te wagen contact op met de wijze, maar gevaarlijke geest, oftewel met ons eigen hoogste innerlijke potentieel. Deze verbintenis mondt uit in een spiritueel avontuur, dat ons ooit rijkdom en geluk zal verschaffen. Maar deze beloning is niet het resultaat van de normale actie/reactiewetten van ons menselijke verwachtingspatroon.
Het idee dat we ons lot niet zo eenvoudig naar onze hand kunnen zetten, komt in conflict met de conventionele verwachting die we erop na houden; vooral in een maatschappij waarin je alles onder controle behoort te hebben.
Maar het geloof dat aspecten van ons leven door een hogere macht worden bepaald, bevrijdt ons wel van een vreselijke last: de gedachte dat we helemaal alleen op de wereld zijn en dat we alleen op onszelf kunnen terugvallen. Velen van ons raken er op latere leeftijd van overtuigd dat het leven op aarde verloopt volgens een verborgen ethisch systeem, dat we gelukkig niet hoeven te doorgronden.
Er gebeuren ook inderdaad vreselijke dingen met goede mensen, en soms wordt dat ook nooit meer rechtgezet, voor zover we dat kunnen zien. Het staat buiten kijf dat welwillende, aardige mensen lijden, slechte mensen gedijen en dat onze goede daden tegenover anderen niet worden beloond. Dit is ons dilemma. En toch is het vaak juist de pijn die opluchting brengt…..

Naadloos sluit hierop aan de poëzie van Maria Vasalis:

Wat gaf ik vroeger veel om zuiverheid.
Wat dacht ik dat het was?
Nuchter, met blote voeten waden door fris gras.
Strandwandelingen. Mager zijn. En politiek
zeer links. Verboden was lyriek.
Toekomstgedachten had ik niet
en heb ik sindsdien nooit gekregen
goddank, en had ik geen herinnering
dan was ik nog zo schoon als regen
en even drinkbaar, lieveling.

M. Vasalis
De oude kustlijn.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s